Water stopt niet aan de grens – en goed waterbeheer dus ook niet. Met het project WIJ-Water zetten Vlaamse en Nederlandse partners samen stappen naar een toekomstbestendig watersysteem. Centraal in dit verhaal staan de polders, die als lokale beheerders een sleutelrol opnemen in het realiseren van een slimme en duurzame “zoetwaterbatterij”.
Eén watersysteem, over grenzen heen
WIJ-Water heeft een duidelijke ambitie: het waterbeheer in de grensregio tussen Noord-West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen en Zeeuws-Vlaanderen beter op elkaar afstemmen. Door samenwerking tussen Vlaamse en Nederlandse partners wordt gewerkt aan een geïntegreerde aanpak waarbij wateroverschotten en -tekorten over de grens heen worden gebalanceerd.
Het doel? Een robuust systeem waarin zoet water wordt opgeslagen wanneer het beschikbaar is, en ingezet wordt wanneer het nodig is. Zo ontstaat een soort buffer – een “zoetwaterbatterij” – die de regio weerbaarder maakt tegen droogte én wateroverlast.
De cruciale rol van de polders
Binnen dit project nemen de polders een bijzonder belangrijke plaats in. Als beheerders van het fijnmazige netwerk van sloten, grachten en waterlopen staan zij het dichtst bij het terrein. Hun kennis en ervaring zijn essentieel om de geplande maatregelen concreet en efficiënt uit te voeren.
In de praktijk betekent dit dat polders:
- meewerken aan het verhogen en stabiliseren van waterpeilen in kanalen en waterlopen;
- instaan voor het herstellen en actualiseren van waterinnamepunten;
- bijdragen aan het beter vasthouden en bufferen van zoet water in het landschap;
- een sleutelrol spelen in de afstemming tussen lokale noden en grensoverschrijdende doelstellingen.
In de Middenkustpolder ligt de focus bijvoorbeeld op het optimaliseren van waternemingen, zodat water flexibel kan worden aangevoerd of afgevoerd naargelang de situatie. De Oostkustpolder bouwt een stuw met vispassage en de Polder van Maldegem zal 15 stuwen plaatsen.
Slim bufferen en verdelen van water
Een belangrijk onderdeel van WIJ-Water is bovengrondse zoetwaterbuffering. Door water tijdelijk op te slaan in sloten, kreken en vijvers, wordt het beter beschikbaar in droge periodes. Tegelijk worden op strategische locaties uitwisselingspunten ingericht waar water tussen Vlaanderen en Nederland kan worden overgedragen.
Voor Zeeuws-Vlaanderen betekent dit dat overtollig water efficiënter kan worden afgevoerd, terwijl er ook mogelijkheden ontstaan om zoet water vanuit Vlaanderen aan te voeren. Aan Vlaamse zijde zorgen de maatregelen dan weer voor een stabieler waterpeil in de kanalen.
Samenwerking als sleutel tot succes
Het succes van WIJ-Water steunt op een brede samenwerking tussen verschillende partners, waaronder waterbeheerders, overheden en uiteraard de polders. Die samenwerking zorgt ervoor dat maatregelen niet op zichzelf staan, maar deel uitmaken van één geïntegreerd systeem.
Voor de koepelorganisatie VVPW en haar leden onderstreept dit project het belang van de rol van polders als verbindende schakel: tussen lokaal en bovenlokaal, tussen praktijk en beleid, en tussen Vlaanderen en Nederland.
Op weg naar 2028
De geplande maatregelen binnen WIJ-Water worden uiterlijk tegen 2028 gerealiseerd. Tegen dan moet de basis gelegd zijn voor een klimaatrobuust watersysteem waarin de polders een centrale rol blijven spelen.
Met WIJ-Water tonen de polders dat ze niet alleen beheerders zijn van water, maar ook actieve partners in innovatie en samenwerking. Zo bouwen ze mee aan een toekomst waarin water slim wordt ingezet – over grenzen heen.


